Untitled Document Untitled Document

nr. 1 jaargang 4 - Februari 2011

projectleidersVo en mbo in gesprek over koers doorlopende leerwegen

De aspectverantwoordelijke opleidingsmanagers mbo en de projectleiders voor doorlopende leerwegen kwamen op dinsdag 16 november bij elkaar om te praten over de koers van doorlopende leerwegen voor de komende jaren.

De projectleiders DLW hadden een bijeenkomst belegd, met als aanleiding het bespreekbaar maken van conclusies en aanbevelingen uit het overleg van 13 oktober. Doel van deze bijeenkomst was om eens kritisch te kijken naar wat er wordt gedaan op dit gebied. Vooral het bereiken van consensus over de doelen met de sectoren is van groot belang.

Waar het om draait
Naast veel succesvolle mijlpalen zijn ook activiteiten nog niet goed geregeld. De belangrijkste conclusies uit de eerdere bijeenkomst zijn:

  • De doelen in de aansluiting tussen vo en mbo zijn onvoldoende op elkaar afgestemd. Wat wordt er van een leerling verwacht als er een opleiding gestart wordt?
  • Aansluiting taal en rekenen is nog niet of onvoldoende gerealiseerd. Vanuit het Horizon College zijn acties gestart, maar dit is eenzijdig gebeurd. In het vo is hieraan onvoldoende aandacht besteed. Dit onderdeel vraagt prioriteit dit schooljaar.
  • Er is onvoldoende eenduidigheid over de warme overdracht. Er is hard gewerkt om weer te geven wat moet worden opgenomen in een doorstroomportfolio, maar portfolio’s uit het vo zijn uiterst verschillend en soms gevuld zonder voldoende bewijsstukken. Er moeten op inhoud en resultaat kwaliteitseisen opgesteld worden en hierover moet consensus worden bereikt met alle partijen.
  • Er zijn onvoldoende docentencontacten tussen vo en mbo.

Belangrijkste aanbevelingen vanuit de bijeenkomst van 13 oktober:

  • Kaders in de aansluiting vaststellen met de managementteams van de sectoren en de directies van de vo-scholen. Wat verwachten we van een leerling als die in het mbo binnenkomt?
  • Sectoroverstijgende competenties benoemen, met name persoonlijke doorstroomcompetenties.
  • Taal en rekenen in volgsysteem plaatsen. Ervoor zorgen dat je inzicht geeft in de resultaten voor taal en rekenen, op welk niveau een leerling zit. Indien mogelijk geen aparte instaptoetsen meer op het Horizon College.
  • De warme overdracht eenduidig omschrijven.
  • Communicatie verbeteren: we moeten af van de wij-zij cultuur. Vaker communiceren en samenwerken. Er wordt veel informatie verspreid in de regio, maar dit wordt niet of onvoldoende gelezen.
  • Op inhoud en resultaat voorwaarden inhoud portfolio vaststellen.

Shoppen voor een opleiding
Naast deze conclusies en aanbevelingen krijgen we nu te maken met leerlingen die gaan shoppen, die we dwingen een keuze voor een opleiding te maken. Afdelingen worden afgerekend op het rendement, dus die willen de shoppende leerling niet meer inschrijven. De vraag is wat het vo en mbo samen gaan doen voor deze doelgroep. Er zou in het loopbaanleren en in de oriëntatie een grotere rol door de mentor moeten worden ingenomen. In ieder geval vraagt de toeleiding naar de beroepsopleiding structureel meer aandacht van mentoren en decanen.

Afspraken portfolio
Er moeten voorwaarden worden opgesteld voor de inhoud van het portfolio. Het mbo zegt dat portfolio’s wisselend zijn van kwaliteit. Met veertien competenties werken is erg veel voor het vo. Opdrachten die op school worden gegeven moeten gekoppeld worden aan competenties. Er zijn formulieren ontwikkeld, zodat op alle sectoren dezelfde werkwijze wordt gehanteerd, voor wat betreft sectoroverstijgende competenties. De vraag is nu of dit de juiste competenties zijn. Bij de S-factor is dit al besproken, daar waren medewerkers erg content mee. In een bezoek aan alle vo-scholen worden de competenties besproken, net als met de managementteams van de sectoren. De competenties worden voor meerdere jaren vastgelegd. Er moet verder zicht komen in de reden waarom leerlingen voor een opleiding kiezen. Dit zou moeten blijken uit het portfolio, in het onderdeel loopbaanoriëntatie.

Taal en rekenen
Het vo heeft een taak ervoor te zorgen dat leerlingen op niveau 2f binnenkomen op het mbo. Het is een illusie om te stellen dat ze hierop allemaal binnenkomen in de toekomst, maar het moet duidelijk worden op welk niveau ze dan wel binnenkomen. BBL en BOL moeten aan 2f voldoen, dat gaat in het vo waarschijnlijk problemen opleveren voor de leerlingen van de basisberoepsgerichte leerweg. Het is belangrijk hoe we dat oplossen samen, met het uitgangspunt dat vanaf het schooljaar 2013-2014 leerlingen niet meer worden toegelaten op het mbo die niveau 2f niet hebben behaald.

Afspraken en actie
De projectleiders van doorlopende leerwegen schrijven een korte notitie voor de aspectverantwoordelijke opleidingsmanagers en directies van vo-scholen, die zij voorleggen aan hun managementteam. De opleidingsmanagers en de directies voorzien deze notitie van commentaar en/of accorderen de aanbevelingen. Het gaat dan om de kaders, die worden gedeeld door de aspectverantwoordelijke opleidingsmanagers en directies van mbo en vo en uiteraard de docenten. De eigenaren van de beroepskolom zijn namelijk de sectoren en vo-scholen; die hebben de gezamenlijke verantwoordelijkheid dat de leerlingen op de juiste plek terecht komen. De projectleiders ondersteunen, coördineren en monitoren dit traject. Samenwerken, daar gaat het om! Daarom komen de betrokkenen vanuit de beroepskolom nu met een eenduidig antwoord, zodat nieuwe acties kunnen worden uitgezet en er concrete afspraken kunnen worden gemaakt.

Projectleiders Doorlopende Leerwegen
Frans Zoetelief en Johan van de Grift

Untitled Document